Cet ouvrage fait partie de la bibliothèque YouScribe
Obtenez un accès à la bibliothèque pour le lire en ligne
En savoir plus

Wallonie en néerlandais 2014-2015 Petit Futé (avec photos et avis des lecteurs)

De
86 pages
Welkom in Wallonië ! Toerisme & Herdenking
Het Toerisme van de herinnering is een recent concept dat tot stand is gekomen rond 2000 om de overdracht van de herrinneringen aan de conflicten van de 20ste eeuw naar de jongere generaties te verzekeren. Welkom in Wallonië !

Welkom in Wallonië ! Toerisme & Herdenking

Het Toerisme van de herinnering is een recent concept dat tot stand is gekomen rond 2000 om de overdracht van de herrinneringen aan de conflicten van de 20ste eeuw naar de jongere generaties te verzekeren. Welkom in Wallonië !


20141023
Voir plus Voir moins
Ours

LE PETIT FUTE

WALLONIE 2014-2015

Wettelijk gedeponneerd: 3de trimester 2014

UITGEVER

Neocity bvba: Geleytsbeekstraat 168 - 1180 Ukkel

www.petitfute.be – blog.petitfute.be

Email: info@petitfute.be

Facebook – G+: Petit Futé Belgique – Twitter: PetitFute_BE

Uitgever: Philippe Wyvekens

REDACTIE

Hebben mmegewerkt aan deze editie: Bernard Dubrulle, Philippe Plumet, Claire Duhaut, Philippe Wyvekens, Catherine Callico, Maïté Sabel.

ADMINISTRATIE

Verantwoordelijke: Virginie Van Sichelen

PUBLICITEIT & COMMUNICATIE

Verkoopsdirecteur: Eric Merken – sales@petitfute.be

Responsables régionaux: Benjamin Lefèvre, Laurent Flavion, Manolis Zervakis

PRODUCTIE

Grafisme & ontwerp: Direction de Studio

WE BEDANKEN

We danken van harte alle personen die op één of andere manier hebben bijgedragen aan het totstand komen van deze gids. We danken in het bijzonder Claire Duhaut van het CGT. Maar ook Marie-Paule Eskenazi, Cammie Jeanne, Guy Lefèbre, Fanny Lardot, Thierry Babette, Mélodie Brassinne, Catherine Berger, Olivier Daloze.

WELKOM IN WALLONIË

Het toerisme van de herinnering is een recent concept dat tot stand is gekomen rond 2000 om de overdracht van de herinneringen aan de conflicten van de 20ste eeuw naar de jongere generaties te verzekeren. Het jaar 2014 wordt gekenmerkt door een aantal grote evenementen, namelijk de herdenking van de 100ste verjaardag van de Eerste Wereldoorlog en de 70ste verjaardag van de Slag van de Ardennen. 2015 is het jaar waarin we de 200ste verjaardag vieren van de Slag van Waterloo met de lancering van de toeristische Napoleon Route die van Beaumont naar Waterloo zal lopen.

Dagelijks komen we voorbij vele sporen in onze steden en dorpen; ik denk hier aan monumenten voor de Doden, begraafplaatsen, herdenkingszuilen, slagvelden. Mijn ambitie is om bezoekers aan te moedeigen deze plekken te (her) bezoeken, plekken die de sporen en herinnering dragen van de burgers en soldaten die sneuvelden in ons land. U zult deze thematiek terugvinden in het toerisme van de herinnering in de steden en dorpen, de verstevigde posities van Luik en Nmane, de uitzonderlijke begraafplaatsen, enz..

De eigenheid van elke provincie, stad of dorp zullen in de verf gezet worden. Suggesties voor bezoeken, uitstappen, uitgestippelde routes zullen de bezoeker door Wallonië gidsen. Deze gids nodigt u uit om Wallonië te doorkruisen en de eigen identiteit van de streek te ontdekken (groen erfgoed, architectuur, industriëel erfgoed, de stromen en rivieren, de gastronomie,…), en de vele attracties. en vergeet niet te genieten van het onweerstaanbare Waalse onthaal. We bieden u graag een hele reeks adressen en plekjes aan die veel te bieden hebben: gîtes, B&B's, hotels, restaurants, bistrots en attracties. De 'Maisons du tourisme, ' de 'Syndicats d’initiative' en de Toerisme Bureaus zullen u op alle gebied een handje kunnen toesteken.

In 2014 en 2015 hebben we een afspraak met de Geschiedenis.

Ik nodig u dan ook uit om in haar stappen te treden.

Jean-Pierre Lambot

CommissariGeneraal voor het Toerisme

REIS UITNODIGING
Toerisme en herdenking in Wallonië
Waarom herdenken?

De keuze van deze gids gebeurde niet op neutrale wijze, noch voor u de lezer-toerist, noch voor de auteurs.

Het toerisme gebaseerd op herinnering, soms ook wel historisch toerisme genaamd, brengt door zijn verankering in het collectieve geheugen van onze samenleving, een extra dimensie aan de geneugten van het toerisme.

Deze gids heeft zich in het bijzonder toegespitst op drie evenementen die een grote indruk hebben gemaakt in Wallonië:

- De Slag van Waterloo

- De Eerste Wereldoorlog 14-18

- De Slag om de Ardennen.

Deze gebeurtenissen worden in hun historische context geplaatst en helpen zo de bezoeker hun eigen herinneringen op te bouwen en verder te ontwikkelen.

In dit geval interesseren we ons aan de militaire en civiele slachtoffers die op één of andere wijze bij de confrontaties waren betrokken. Ze zoeken niet om hun verschillen te onderlijnen maar met de bedoeling deze te overschrijden en te zoeken naar hogere waarden zoals vrede en verzoening.

Dit toerisme van de herinnering maakt zich sterk om humanistische en universele waarden aan te kaarten.

Een oord, een datum, een hersamenstelling, een musuem, een monument, een begraafplaats of een eenvoudige herdenkingsplaat… het zijn allemaal elementen die dit soort toerisme zo rijk en gediversifieerd maken. In deze gids hebben we een selectie gemaakt die we dachten representatief te zijn (en dus zeker niet exhaustief!) van deze bladzijde in de geschiedenis van Wallonië.

Het is niet de bedoeling gewest politieke of filosofische argumenten te hanteren, eerder hebben we een correcte band tussen het verleden en het heden willen aantonen. Wat we ook niet beogen is een vorm van 'voyeurisme', een herinnering in een attractie te maken. Maar het moet gezegd worden dat deze plaatsen van herinnering gebruik maken van alle moderne communicatie middelen om hun boodschap over te brengen zonder aan de fundamentele waarde van de herinnering af te doen. Alles wordt historisch benaderd en de culturele dimensie wordt eveneens in acht genomen.

Het parcours van het toerisme van de herinnering is niet noodzakelijk een vrolijke wandeling. Het kan gemengde zelfs tramatiserende gevoelens oproepen bij sommigen hoe de feiten ook worden voorgesteld. Het is aan de bezoeker een gemotiveerde en doordachte keuze te maken, vooral indien begeleid van jongere kinderen. De bezoeker wordt ook verzocht de bezochte plekken te respecteren om zo ook de herinnering aan diegenen die er voor eeuwig vertoeven te eren.

Alhoewel de drie vermelde thema's aan de basis liggen van deze gids, werd zeer zeker ook het lokale aspect niet vergeten. Het toerisme van de herinnering is voorstander van een economische ontwikkeling en beantwoord aan de verwachtingen van de bezoeker door hen mee te nemen op ontdekking van de lokale producten. De gastronomie, de lokale bistrootjes met streekproducten, leuke plekken om te overnachten en uitgebreide toeristische informatie brengen toerisme en herinnering samen als interessante elementen voor een verblijf als geen ander.

Marie-Paule Eskénazi

Directeur van vzw 'Tourisme autrement'

Een beetje geschiedenis

Een beetje geschiedenis - La Bascule, monument van Royal Irish Regiment te Bergen

© WBT – Morgane Vander Linden

De 14-18 Oorlog in Wallonië

Op de vooravond van het conflict hoopt de Belgische publieke opinie nog dat het land, dat zich veilig voelde door zijn neutraliteit statuut, aan de confrontatie zal kunnen ontsnappen.

Maar dat was buiten het Duitse aanvalsplan van Schlieffen-Molkte gerekend die namelijk voorzag dat de rechtse vleugel van het leger door België moest gaan, een kleine natie die toch geen weerstand zou bieden. De bedoeling was een draaiend manoeuver uit te voeen ten noorden van de Samber en Maas lijn om zo de Franse verdediging op het verkeerde been te pakken.

De uitvoering van dit plan dat duielijk inhield de neutraliteit van België te schenden, concretiseerde zich met het ultimatum van 2 augustus dat eenvrije doorgang eiste over ons grondgebied zogezegd om een aanval van de Franse troepen tegen te gaan. De Belgische regering heeft dat ultimatum op 3 augustus verworpen wat de invasie van België door Duitse troepen ten gevlge had op 4 augustus in de ochtend en de aanval op Luik op de 5de. Het eerste slachtoffer van het Belgisch leger sneuvelde in Thimister op 4 augustus. Op dezelfde dag gaat ook Groot-Britannië in het conflict treden als reactie op de schending van onze neutraliteit.

België had een verdedigingsstructuur gebaseerd op de forten van de Maas (Luik en Namen) en rond Antwerpen. De uitvoering van het plan Schlieffen-Moltke hield in zeer snel de weerstand te breken van de 12 forten van de Verstevigde Positie van Luik (het PFL) die de oversteek van de Maas moesten verhinderen en die de weg naar Parijs versperden.

Onder leiding van Generaal Leman trachten de Belgen met veel moed te weerstaan en de Duisters zetten hun zware artillerie in om de forten tot zwijgen te brengen. Zij gebruikten onder andere hun zwaarste stukken, twee obus kanonnen van 420 mm die gekend waren als 'Dikke Bertha'. Op 15 augustus wordt het fort van Loncin dat de weg en de spoorweg naar Brussel controleert, beschoten en wordt een deel van het garnizoen onder het puin begraven.

Alhoewel de gevechten rond de forten van Luik weinig impact hadden op de strategische plannen van de Duitsers, speelden deze weerstandsgevechten een belangrijke rol in de publieke opinie in België en in het buitenland. Het "dappere België" is David die het hoofd biedt aan Goliath. De stad Luik krijgt reeds op 7 augustus de "légion d’honneur" en de cafés in Parijs die altijd een 'café Viennois' op de kaart hadden staan, doopten die nu om in "café liégeois" als eerbetoon aan de weerstand van de stad en de forten!

Terwijl tussen 21 en 25 augustus de forten rond Namen vallen en ook op 20 augustus Brfussel gevallen is, heeft het Belgische leger zich teruggetrokken op Antwerpen dat eveneens door een fortengordel is omringd.

Na Luik te hebben veroverd en terwijl er nog verschillende regimenten geblokkeerd zijn door het beleg van Antwerpen, voert de rest van het Duitse leger zijn draaiend manoever door in de valleien van Samber en Maas tussen DiInant en Charleroi. Tegen einde augustus zijn de activiteiten verlegd naar een andere sector: de frans-belgische grens. Deze grensoorlog die nu de Franse en Engelse troepen tegenover de DUitsers plaatst speelt zich af bij ons van 18 tot 24 augustus, voornamelijk in de regio van Charleroi (Slag van de Samber) en Bergen en in de provincie Luxemburg.

De bloederige gevechten die vele slactoffers maken draaien uit in het voordeel van de Duitsers en eindigen met de terugtocht van de Franse en Britse troepen. Zij zullen zich blijven terugtrekken tot aan de slag bij de Marne van 6 tot 9 september 1914.

Begin oktober is het Belgische leger waar omsingeld te Antwerpen en wordt het gedwongen de stad te verlaten en zich terug te trekken aan de IJzer waar ze erin slagen de optocht van het Duitse leger te stoppen dit dankzij de overstromingen die op 29 oktober werden uitgelokt door het opendraaien van de sluizen van Nieuwpoort. Begin november is de bewegende oorlog ten einde en vinden we een continu en stabiel front dat strekt van de Noordzee tot aan de Zwitserse grens. In Wallonië gaat de lijn van de loopgraven dwars door de gemeente Komen-Ploegsteert waar men nog vele sporen van deze lange loopgrachtenoorlog alsook de inzet van troepen van het Gemenebest kan terugvinden.

De eerste fase – de bewegingsfase – van deze oorlog heeft veel geweld tegen de burgerbevolking gezien. In hun optocht hebben de Duitse soldaten ongeveer 6 500 burgers in België gedood en in het Noorden van Frankrijk werden verschillende dorpen helemaal verwoest. De steden (Andenne, Visé, Tamines, Dinant) en de martelaren dorpen (vooral in de Gaume) van Wallonië betaalden een zware tol in een conflict van ongeziene brutaliteit.

Na die eerste fase van de oorlog komt er een lange bezettingsperiode voor het grootste deel van België. Door deze bezetting te organiseren hebben de Duitsers een dubbel objectief: de orde te bewaren en de economische infrastructuur van het land in hun voordeel te gebruiken. Concreet betekent dit dat het land in twee zones werd verdeeld. De zone die het dichtst bij het front ligt wordt direct door de militairen gecontroleerd: in Wallonie is dit het geval voor het zuiden van de provincies Henegouwen en Luxemburg. De rest van het land wordt bestuurd door een burgerlijke administratie onder leiding van een gouverneur-generaal die zich in Brussel vestigt.

Het bezettingsregime is streng: controles en beperkte bewegingsvrijheid, reglementen (in november 1914, zag het bezette land zich genoodzaakt... op het Duitse uur over te gaan), in beslagname van eigendommen en goederen, oorlogsbelasting, deportatie van werkers en arrestatie van politieke tegenstanders.

Het grootste probleem dat zich e hele oorlog zal stellen is dat van de bevoorrading en de dreigende hongersnood. Reeds van voor de oorlog kon het dichtbevolkte België niet helemaal voorzien in eigen voedsel voor de bevolking en België was dus afhankelijk van de import van voedingsmiddelen die door de blokkade van de gealliëerden nu niet meer te vinden waren.

Het is met die achtergond dat België in aanmerking kwam van de eerste internationale humanitaire actie ter wereld met de actie van de Commission for Relief in Belgium van de Amerikaan Herbert Hoover, die de opdracht kreeg fondsen in te zamelen en voedsel in het buitenland aan te kopen en naar België te brengen waar het verdeeld werd door het Nationale Comité voor hulp en voedsel dat werd opgericht door Ernest Solvay en Emile Francqui.

De bezetting bracht natuurlijk ook het ontstaan van het verzet door vaderlandsgezinden met zich mee.

De Slag om de Ardennen

De Slag om de Ardennen dat als dé ultieme confrontatie van de Tweede Wereldoorlog in België wordt aanzien, speelde zich af op het grondgebied van de provincies Luxemburg, Luik en Namen. Deze gevechten vonden plaats tussen 16 december 1944 en 28 januari 1945. Men kan ze groot noemen gezien het aantal troepen dat betrokken was en ze waren intens gezien het grote aantal gevechten en slachtoffers.

Het doel van Hitler was om door de Ardennen te stoten om de Maas over te steken en zich van de bruggen meester te maken om dan verder te gaan en zich meester te maken van de haven van Antwerpen om bevoorrading en versterking van de gealliëerden te verhinderen. De Führer wilde het Britse en Amerikaanse leger afsnijden en isoleren om ze afzonderlijk tot capitulatie te dwingen en om zo een aparte vrede af te dwingen op het westers front. Het westers Duitse leger kon dan worden overgeplaatst naar het oosten om de opmars van het Russische leger te stoppen. Er werden drie verschillende legereenheden opgeroepen om dit offensief tot een goed einde te brengen: het 5e SS Panzer Armee van generaal Hasso von Manteuffel, het 6de van generaal Sepp Dietrich en het 7de van generaal Eric Brandenberger.

Ze hadden het verrassingseffect in hun voordeel, hun leger was buten proportie, het weer was verschrikkelijk. Het Duitse offensief dat aanving op 16 december om 5u30 op een front van 125 km kende om te beginnen een zeker succes, zo kon het 6de SS Panzer Armee tot La Gleize geraken. Maar de Amerikaanse weerstand te Saint-Vith en Bastogne laten het tegenoffensief toe van Bernard Montgomery en George Patton.

De verschillende pogingen van het DUitse leger worden uiteindelijk teniet gedaan door een gebrek aan brandstof, voeding, maar vooral door de standvastigheid van de gealliëerden. Op de vooravond van Kerst wordt Duitsland gestopt te Celles: dit betekent het begin van de terugtocht van het Duitse leger nog steeds onder invloed van bar slecht weer. De gealliëerden nemen langzaam maar zeker het geheel van het land weer in en bevinden zich dan aan de grens van Duitsland, het begin van het einde van het 3de Reich.

De menselijke balans is zwaar in gesneuvelden, gewonden en verdwenen (meer dan 100 000 mannen aan Duitse kant, meer dan 85 000 bij de Amerikanen en Engelsen). En hier moeten dan nog de burgerslachtoffers bijgeteld worden. De stoffelijke schade is aanzienlijk, steden en dorpen zijn volledig vernield of zwaar gehavend door de bommen en de doortocht van het leger. Men zal jaren nodig hebben om deze streken weder op te bouwen.

Namen van personen, generaals en maarschalken (von Runstedt, Patton, Montgomery, Eisenhower, Bradley,…), van steden en dorpen (Bastogne, Saint-Vith, Houffalize, Malmédy,…) van begraafplaatsen (Neuville-en-Condroz, Henri-Chapelle, Recogne, Hotton) zinderen tot op de dag van heden door in het collectief geheugen.

In 2014 zien we de opening van het Bastogne War Museum en in december is de beroemde Nuts Day (om de beroemde uitspraak van generaal McAuliffe te vieren: « Nuts »).

De Slag van Waterloo

Na een groot deel van Europa veroverd te hebben, wordt Napoleon op het einde van de Russische campagne in 1812 verslagen. Na zijn abdicatie, wordt hij verbannen naar het eiland Elba. Lodewijk XVIII wordt koning van Frankrijk. Maar Napoleon heeft zijn laatste woord niet gezegd. Hij ontvlucht Elba 300 dagen na zijn verbanning en gaat naar Vallauris, in de Provence, op 1 maart 1815. Dat wordt het begin van een honderd dagen durende campagne. Hij trekt op naar Parijs en de troepen die door Lodewijk XVIII werden gestuurd om hem tegen te houden, juichen hem toe en sluiten zich bij hem aan. Napoleon gaat door en trekt op 20 maart Parijs binnen; Lodewijk XVIII vlucht naar Gent.

Begin juni staat Frankrijk op het punt om aangevallen te worden door verschillende legers die die richting nemen. Het zijn voornamelijk de Pruissische troepen onder leiding van Maarschalk Blücher en de troepen van de Hertog van Wellington, Arthur Wellesley, maar ook door troepen uit Oostenrijk, Rusland, Spanje,... Het hoofdkwartier van de Engelsen bevindt zich te Brussel, dat van de Pruisen te Namen. Napoleon heeft niet veel tijd om zijn leger terug samen te stellen en neemt dan de baan richting Brussel om te trachten de verschillende legers één voor één te verslagen alvorens ze samen kunnen komen. Hij komt België binnen via Beaumont. Het eerste gevecht heeft plaats op de plek " les Quatre-Bras" te Genappe, het kruispunt van de banen tussen Charleroi -Brussel en Namen-Nijvel.

Maarschalk Ney, aangesteld door Napoleon brengt er een deel van het leger van Wellington aan het wankelen. Ze duwen eveneens de Pruissen in de aftocht van Ligny naar Waver. Gewapend met deze informatie trekt Wellington zijn troepen verder naar het noorden terug, naar Waterloo, waar hij zijn hoofdkwartier opzet. Napoleon stuurt de rechtervleugel van zijn leger onder leiding van Grouchy op achtervolging van Blücher. Hij brengt de nacht van 17 op 18 juni door in de Caillou hoeve. Op 17 juni breekt een onweer los dat het toekomstige slagveld in een waar modderbad herschaapt.

De slag van Waterloo kan beginnen en zal zich voornamelijk afspelen op de huidige gemeenten van EIgenbrakel en Lasne. De troepen van Wellington, « het Leger van de Gealliëerden », bestaat uit 68 000 manschappen: Britten, Nederlanders, Hanovrianen, Brunswickers en Nassauers, Napoleon heeft 78 000 manschappen onder zijn leiding en beschikt over een betere artillerie. Al gauw zal echter blijken dat het zompige terrein de doeltreffendheid van de kanonballen sterk doet afnemen.

Het gevecht begint om 11u30 met de aanval op de kasteelhoeve te Hougoumont die wordt verdedigd door 2 000 Britten. De 8 000 Franse soldaten zullen er de ganse dag blijven zonder enig succes te boeken. Wanneer hun ruiters de Engelse artillerie aanvalt, verschansen deze zich midden in oninneembare infanterie vierkanten. De Fransen kunnen de kannonen niet innemen of verwoesten en de Engelsen blijven er dus goed gebruik van maken.... Tegen 16u, komt de voorhoede van de Pruissen aan op het oostelijke deel van het slagveld langs de vallei van de Lasne. Plancenoit wordt verschillende keren ingenomen en Napoleon moet zijn reserves opstellen.

Wellington kan ondertussen zijn pionnen op hun plaats zetten aan de linkerzijde om zijn centrumpositie te versterken. Om 19u30 stuurt Napoleon zijn Garde maar die moet zich al snel terugtrekken wat paniek veroorzaakt bij de rest van het leger. En dat wordt het begin van het einde. Wellington laat het aan de Pruissen over om de vluchtende Fransen te achtervolgen want zijn eigen manschappen zijn uitgeput. Hij keert terug naar zijn hoofdkwartier, stelt zijn rapport op en geeft aan de slag de naam van de plek waar hij zich bevindt: Waterloo. De bilan van de slachtoffers is bijzonder hoog: 11 000 gesneuvelden, 30 000 gewonden en 10 000 afgeslachte paarden. Napoleon wordt terug verbannen en zal zijn dagen als gevangene van de Engelsen eindigen op het eiland St Helena, midden in de Atlantische Oceaan waar hij op 5 mei 1821 zal overlijden.

Vandaag kunnen de belangrijke plekken van deze slag bezocht worden: de kasteelhoeve van Hougoumont en de Caillou Hoeve, nu een Napoleon museum. Er is ook het gehucht van de Leen dat op de frontlijn waar Fransen en Engelsen elkaar confronteerden ligt. U kunt er de beruchte Leeuw van Waterloo bezoeken alsook het panorama en verschillende films over de slag. Het Wellington Museum bevindt zich in het centrum van Waterloo.

De achtergelaten sporen
Un pour Un
Permettre à tous d'accéder à la lecture
Pour chaque accès à la bibliothèque, YouScribe donne un accès à une personne dans le besoin