Soins palliatifs - Journée d'étude du mardi 23 novembre 2004

Publié par

Kwaliteit van leven bij het einde van het levenDe overheid heeft tot taak de kwaliteit van leven in de samenleving te bevorderen. Ook voormensen die zich in hun laatste levensfase bevinden, is er in dat opzicht een belangrijke taakvoor de overheid weggelegd. De overheid moet een kader creëren dat een kwaliteitsvollevenseinde mogelijk maakt. Elk individu heeft recht op een waardig levenseinde. Door deinspanningen van mensen die dagdagelijks stervenden begeleiden, komt de dood langzaamopnieuw uit de taboesfeer. Het wordt dan ook gemakkelijker om het sterven bespreekbaar temaken en aandacht te vragen voor de kwaliteit van leven bij het einde van het leven en meerin het bijzonder de kwaliteit van sterven.Tijdens deze korte uiteenzetting zal ik een in de praktijk werkbare definitie van kwaliteit vanleven schetsen, bespreken wat dit betekent tijdens de laatste levensfase en tot slot toelichtenhoe de overheid en de Vlaamse overheid in het bijzonder initiatieven in de palliatievezorgsector ondersteunen.De individuele autonomie is in onze samenleving sterk ingebed. Ze wordt begrensd door hetrespect voor de vrijheid van anderen en door de verantwoordelijkheid die we voor anderenopnemen. De waardigheid van de individuele persoon moet ook op het einde van het levengevrijwaard worden.Een evenwichtige visie op de mens vertrekt vanuit een bio-psycho-sociaal model waarbij erniet alleen aandacht is voor het lichamelijk functioneren van het individu, maar ook voor ...
Publié le : samedi 24 septembre 2011
Lecture(s) : 33
Nombre de pages : 3
Voir plus Voir moins
Kwaliteit van leven bij het einde van het leven
De overheid heeft tot taak de kwaliteit van leven in de samenleving te bevorderen. Ook voor
mensen die zich in hun laatste levensfase bevinden, is er in dat opzicht een belangrijke taak
voor de overheid weggelegd. De overheid moet een kader creëren dat een kwaliteitsvol
levenseinde mogelijk maakt. Elk individu heeft recht op een waardig levenseinde. Door de
inspanningen van mensen die dagdagelijks stervenden begeleiden, komt de dood langzaam
opnieuw uit de taboesfeer. Het wordt dan ook gemakkelijker om het sterven bespreekbaar te
maken en aandacht te vragen voor de kwaliteit van leven bij het einde van het leven en meer
in het bijzonder de kwaliteit van sterven.
Tijdens deze korte uiteenzetting zal ik een in de praktijk werkbare definitie van kwaliteit van
leven schetsen, bespreken wat dit betekent tijdens de laatste levensfase en tot slot toelichten
hoe de overheid en de Vlaamse overheid in het bijzonder initiatieven in de palliatieve
zorgsector ondersteunen.
De individuele autonomie is in onze samenleving sterk ingebed. Ze wordt begrensd door het
respect voor de vrijheid van anderen en door de verantwoordelijkheid die we voor anderen
opnemen. De waardigheid van de individuele persoon moet ook op het einde van het leven
gevrijwaard worden.
Een evenwichtige visie op de mens vertrekt vanuit een bio-psycho-sociaal model waarbij er
niet alleen aandacht is voor het lichamelijk functioneren van het individu, maar ook voor zijn
psychisch bestaan en zijn interacties met de omgeving. Het is dan ook belangrijk dat er in de
laatste levensfase aandacht is voor de verschillende facetten van het individu en dat men zich
niet beperkt tot een louter lichamelijke benadering.
A
MARTYA
S
EN
(filosoof en economist, Harvard University) en M
ARTHA
N
USSBAUM
(filosofe,
Chicago University) hebben met hun “capabilities approach” een in de praktijk werkbare
definitie van kwaliteit van leven geformuleerd. De “capabilities approach” stelt dat kwaliteit
van leven bepaald wordt door de mogelijkheden die een persoon heeft om zijn of haar
levensplan vorm te geven. Zowel de mogelijkheden waarover een persoon beschikt als het
levensplan dat hij of zij wil uitvoeren, veranderen met de tijd. Op het einde van het leven zijn
de mogelijkheden vaak erg beperkt geworden. Het levensplan wordt dan ook aangepast aan
deze beperkte mogelijkheden en aan het beperkte tijdskader dat de persoon nog rest.
Geluk kan worden gedefinieerd als de tevredenheid die wordt ervaren bij de uitvoering van
het levensplan. V
EENHOVEN
definieert geluk als “levensvoldoening”, wat een combinatie is
van een hedonistische component - hoe prettig voelen we ons - en van een cognitieve
component - hoe tevreden zijn we over de mate waarin onze wensen worden gerealiseerd.
Ook in de laatste levensfase is het belangrijk dat een individu en zijn of haar omgeving
maximaal kansen worden geboden om tijdens deze cruciale levensfase eigen keuzen te blijven
maken. Beslissingen bij het levenseinde hebben een directe invloed op de wijze waarop het
individu het hem of haar resterende leven nog kan invullen. Daarom moet bij het nemen van
deze beslissingen maximaal rekening worden gehouden met de voorkeuren van de persoon in
kwestie.
Wanneer de overheid zich tot taak stelt de kwaliteit van leven van stervenden te bevorderen,
moet zij de mogelijkheden maximaliseren waarover mensen in hun laatste levensfase kunnen
beschikken voor een zinvolle invulling van het hen resterende leven.
Hiertoe dient de overheid een voldoende aanbod van palliatieve zorgen te verzekeren. Dit
aanbod moet ondersteuning bieden op fysiek, psychisch en sociaal vlak en ook op het vlak
van levensbeschouwing en dit zowel voor patiënten in een residentiële setting als deze in een
ambulante setting.
De Vlaamse Gemeenschap subsidieert 15 netwerken palliatieve zorg die de hulp- en
zorgverlening voor palliatieve patiënten coördineren. De netwerken garanderen dat elke
palliatieve patiënt toegang heeft tot de voor hem of haar nodige en door hem of haar gewenste
palliatieve zorg. Hierbij krijgen de behandelende zorgverstrekkers de ondersteuning van een
multidisciplinaire begeleidingsequipe. Dankzij de netwerken zijn er in Vlaanderen geen
blinde vlekken meer op het vlak van palliatieve zorgen.
Elke zorgverstrekker kan terugvallen op deskundige ondersteuning van de netwerken.
Via de media, voordrachten en deelnames aan beurzen vervullen de netwerken een
sensibiliserende rol naar de brede bevolking toe. Daardoor wordt de bespreekbaarheid van
het thema sterven en dood gestimuleerd.
De Vlaamse Gemeenschap subsidieert ook vormings- en opleidingsprogramma’s rond
palliatieve zorgen. Het is belangrijk dat zorgverstrekkers de mogelijkheden van het palliatief
zorgaanbod leren kennen zodat ze een faciliterende rol kunnen spelen door voor het individu
zijn voorkeuren, de mogelijke gevolgen van zijn beslissingen en de invloed ervan op zijn
mogelijkheden en zijn levensplan te helpen verduidelijken.
De Vlaamse overheid financiert via het VIPA de infrastructuur voor de oprichting van
palliatieve eenheden. De palliatieve zorg in ziekenhuizen en in rust- en verzorgingstehuizen
wordt federaal gefinancierd. In een geest van constructieve dialoog zien de inspectiediensten
van de afdeling verzorgingsvoorzieningen van de Vlaamse administratie toe op een goede
werking van de palliatieve eenheden.
Het aanbod van palliatieve zorgen moet duidelijk kenbaar worden gemaakt aan alle
belanghebbenden. Met het oog hierop is er vanuit de afdeling welzijnszorg van de Vlaamse
administratie een projectsubsidiëring voor "De Leiflijn" (Levenseinde Informatie Forum), een
telefonische hulplijn voor vragen over beslissingen rond het levenseinde.
De euthanasiewet stelt dat de behandelende arts de patiënt moet inlichten over de
mogelijkheden die palliatieve zorgen bieden. Vorming en opleiding van zorgverstrekkers op
het vlak van palliatieve zorgen wordt dan ook gesteund vanuit de Vlaamse Gemeenschap.
Vrijwilligers spelen een belangrijke rol binnen het geheel van de palliatieve zorgen. De
palliatieve netwerken kunnen rekenen op de inzet van talrijke vrijwilligers. Vrijwilligers
bieden niet alleen praktische hulp maar hun inbreng stimuleert ook het maatschappelijk debat
over kwaliteit van leven bij het einde van het leven.
Minister Inge Vervotte heeft een bijzondere aandacht voor de problematiek van het
levenseinde. Zij heeft dan ook veel waardering voor iedereen, professionelen en vrijwilligers,
die zich dagelijks inzetten voor de begeleiding van mensen in hun laatste levensfase.
Piet Calcoen
Raadgever gezondheid
Kabinet van mevrouw Inge Vervotte,
Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin
22 november 2004
Soyez le premier à déposer un commentaire !

17/1000 caractères maximum.